Hoge Venen - EifelEen groot deel van de Oostkatons wordt in beslag genomen door het natuurpark Hoge Venen – Eifel, een geweldige homp groen van 67.000 hectare tussen Eupen en Burg-Reuland. Over de grens loopt het door in het Duitse Naturpark Nord-Eifel. In het gehele gebied gelden zeer strikte normen inzake natuurbehoud. Het natuurpark bestaat op Belgisch grondgebied voor 56 procent uit bossen. Oorspronkelijk was er beukenbos. Zeer vochtige grond, zoals die op het hier beschreven hoogveenplateau, was vaak begroeid met armere eiken- en beukenbossen.

Tussen de 15de en de 19de eeuw werden de prachtige bossen tot hakhout gedegradeerd en bijna geheel gerooid, waarna ze vervangen werden door naaldbossen. De jongste jaren worden opnieuw meer loofbomen aangeplant. Tot het begin van de 20ste eeuw werd de ontboste zone gebruikt als weiland, maar geleidelijk namen struikheide, brem, en bos- en veenbessen de plaats in van het hooi- of weideland.

Veenmoerassen
Naast de bossen en het heide- en grasland wordt de streek gekenmerkt door de veenmoerassen van de Hoge Venen (Hautes Fagnes). Deze laatste zijn zo indrukwekkend dat zij het natuurpark hun naam bezorgden. Het zijn natuurlijke moerassen, waarin vele zeldzame plant- en diersoorten voorkomen, die elders in Europa enkel te zien zijn in het uiterste noorden of in de bergstreken.

In de venen vindt men de oudste turflagen van de streek, meer dan tienduizend jaar oud, naast pingo`s of palsen, landschappelijke overblijfselen uit de ijstijd, die er uitzien als lage, uitgeschuurde kommen, waarin meestal water staat.

Op de turfgronden van de Hoge Venen groeien van de lente tot de herfst wollegras, veenpluim, pijpenstrootje, zonnedauw, moerasviooltje, jeneverstruiken en diverse soorten bosbessen. Turf werd vanaf de 16de eeuw als brandstof gebruikt en werden de plantenresten in de Hoge Venen voor dit doel uitgestoken. Turf wordt nog altijd in de landbouw gebruikt als compost, en in het natuur- en gezondheidsstadje Spa doet men turf in de modderbaden.

Waterhuishouding
De Venen spelen een essentiële rol in de regeling van de enorme watervoorraden in dit regenrijke gebied, waar 1500 millimeter per jaar valt. Om het hele ecosysteem in stand te houden zijn fauna en flora in het natuurreservaat geheel beschermd. Wandelen is er alleen toegestaan op de paden. In de Hoge Venen had men overigens toch niet buiten deze wegen kunnen wandelen: ze bestaan uit een zeer zompige bodem, waaruit graspollen omhoogsteken die er van op enige afstand bekeken uitzien als een grastapijt. De vaste bodem ligt een modderige halve meter lager, en men kan hier niet van graspol tot graspol springen.

De gemiddelde jaarlijkse temperatuur is in deze streek 9,8 ºCelsius; in de koudste maand 0 ºCelsius. De eerste vorst treedt gemiddeld in op 29 september; de laatste vorst wordt meestal geregistreerd rond 25 mei (er zijn slechts 123 dagen zonder vorst). De eerste sneeuw valt in de statistieken op 11 november, terwijl de laatste sneeuw meestal pas rond 28 april smelt. In de zomer kan het ondanks het relatief `koude` klimaat toch heet zijn. Bij brandgevaar wordt het natuurpark meteen gesloten, en worden de rode brandvlaggen uitgehangen aan de invalswegen. Dan zijn alleen het Poleûr-Veen (vlakbij Baraque Michel en Mont-Rigi) en het veen Veur Lowé (Botrange) toegankelijk.

Botrange
Driehonderd meter van het hoogste punt van België, het 694 meter hoge Natuurparkcentrum Botrange werd door het provinciebestuur van Luik een studie- en documentatiecentrum over het Natuurpark Hoge Venen – Eifel opgebouwd, in hout en natuursteen uit de streek. Er is ook een `groene` winkel. Informatie: Natuurparkcentrum Botrange, 4898 Robertville. Geopend van 10.00 – 18.00, het hele jaar door. In de winter zijn hier ski`s te huur en in de zomer fietsen.

Niet ver van Botrange ligt op 675 meter de Baraque Michel, één van de drukst bezocht plaatsen in de Hoge Venen, met daarnaast de Fisbachkapel en de voornaamste toegang tot het reservaat. De Baraque Michel was in het begin van de 19de eeuw een schamele hut, bewoond door Michel Schmitz die een verdwaalde wandelaar het leven redde. Deze wandelaar bleek vermogend te zijn en beloonde Michel zo rijkelijk dat hij zijn hut tot een comfortabele herberg kon verbouwen.

Wat verderop ligt de Mont Rigi, waar een wetenschappelijk station van de universiteit van Luik is gevestigd. Hier sluit de weg uit de richting Robertville aan op de weg van Malmedy naar Eupen en Verviers.

Website:
Hoge Venen – Eifel